vrijdag 30 maart 2012

Opbrengstgericht werken

Armando, Amersfoort
Met alle verzoeken en opdrachten van de overheid is het steeds de kunst de ruimte te vinden die er is om de vraag om te buigen naar een vraag waar je aan wil beantwoorden.

Opbrengstgericht werken klinkt in mijn oren als een economisch ideaal, dat niet past bij mijn opvatting van goed onderwijs. Maar als ik mezelf de vraag stel: wat vind ik belangrijk, wat wil ik dat het onderwijs teweeg brengt, wat  wil ik dat mijn inspanningen teweeg brengen, welk effect streef ik na - dan wordt het al anders.

Ik merk dat ik misschien wel het belangrijkst van alles vind, niet in het onderwijs alleen, maar in de wereld, dat mensen hun verantwoordelijkheid als autonoom subject nemen of zich minstens in die richting bewegen. Waar ik naar streef is dat het onderwijs voor kinderen de basis legt om op te groeien tot zelfstandig denkend en oordelend en handelend mens. En dat de mensen die in het onderwijs werken dat vóórleven, door uit hun ingebeelde hulpeloosheid te stappen en de verantwoordelijkheid op zich te nemen voor hun gedachten, hun opvattingen en hun handelen.


De overheid lijkt het onderwijs in toenemende mate te zien als een instrument om economisch rendabele en beheersbare burgers af te leveren, getuige de veel gebezigde zinsnede dat het in het onderwijs zou gaan om "het kwalificeren van burgers voor de kenniseconomie".

Wat het onderwijs te doen staat, is de basis te leggen voor een zeer kritische en bewuste houding ten aanzien van alles wat anderen beweren, in het algemeen, en in het bijzonder met betrekking tot wat de opdracht van het onderwijs zou zijn. Daar ligt mijn wil tot verandering. Dat is de opbrengst waarop ik mijn inspanningen richt.

Autonomie en verantwoordelijkheid

Googlend op 'responsibility' en 'Adorno' - omdat ik vermoedde dat hij daar wel iets over geschreven zou hebben, kwam ik uit bij een boek, maar ook bij een serie opnamen van een radiogesprek met hem, dat iemand op Youtube heeft gezet, over "Erziehung zur Mündigkeit".

Het gaat grotendeels over een kwestie die me bezighoudt. Hoe kun je mensen bewegen tot het nemen van verantwoordelijkheid, tot het achter zich laten van hun ingebeelde hulpeloosheid, tot bewustwording en activering van hun autonomie. Hoe kun je kinderen daartoe opvoeden op school, en hoe kun je leerkrachten daartoe brengen ten aanzien van hun professie.

Twee dingen uit het gesprek heb ik genoteerd om langer over na te denken.

Het eerste is, dat Adorno zegt dat waarschijnlijk de enige manier waarop je "Erziehung zur Mündigkeit" zou kunnen concretiseren is om met al je energie je erop te richten mensen te leren zich bij alles vragen te stellen. Wat gebeurt hier precies, wat wordt hier precies beweerd, wat zijn de implicaties van wat hier beweerd wordt, is de manier waarop zaken georganiseerd zijn de goede manier of zou het anders beter kunnen? "Erziehung zur Mündigkeit" zou in concreto de vorm aannemen van "Erziehung zum Widerspruch".

De andere uitspraak die me bijblijft is, dat wie anderen wil bewegen tot Mündigkeit, wat ik versta als wie anderen wil verleiden uit de zelfgekozen hulpeloosheid te stappen, die lukt dat waarschijnlijk alleen door zijn eigen onmacht tot een moment te maken in wat hij denkt en doet. 

Superieur schamperen over andermans hulpeloosheid heeft geen enkele zin en zal niets veranderen. Als het al mogelijk is om op de een of andere manier invloed uit te oefenen op anderen, en anderen te bewegen tot verandering, dan kan dat alleen lukken uitgaande van je eigen kwetsbaarheid.


Beluister hier - als je Duits goed is en je een filosofische manier van spreken kunt waarderen - het radiogesprek met Theodor Adorno over "Erziehung zur Mündigkeit".

donderdag 29 maart 2012

Neem de trap

Op de training "Opbrengstgericht werken voor middenmanagement" wordt tussendoor een filmpje getoond, voor de broodnodige variatie.

Het gaat om het filmpje de "broken escalator". Het is een geestig filmpje, zeker. Maar wat wil het eigenlijk zeggen? Ik denk dat het zoveel wil zeggen als: veel mensen in een organisatie vluchten in de hulpeloosheid en dat is heel dom van die mensen en heel irritant voor ons managers die de organisatie zo graag op een hoger plan willen krijgen.

Het is heel verleidelijk om schamper te doen over die hulpeloosheid, maar wat levert het op? Kun je mensen in beweging krijgen door ze te beschamen? Zullen ze dan meer geneigd zijn de kant op te gaan die jij voor ogen hebt? Je bereikt hooguit dat ze gekrenkt en verongelijkt verder hun mond houden omdat ze weten dat je hun zorgen niet wilt horen en dat je ze bespottelijk vindt op hun kapotte roltrap. Wat je zeker niet zult bereiken is dat ze enthousiast de trap op zullen rennen zodra je ze hebt geconfronteerd met hun weerstand.

Hoe "opbrengstgericht" is dat?

En dan: is die ingebeelde hulpeloosheid jou als manager helemaal vreemd? Heb jij daar nooit gezeten? En was het zo gemakkelijk om daar uit te breken? Heb je er bij tijd en wijle niet heel hard voor moeten knokken?


Een collega tipte me voor een ander filmpje, ook over een trap. De trap als metafoor voor de weg naar een hoger plan. Het heet "de piano trap" en het zet je aan het denken over manieren waarop je mensen kunt motiveren om de kant op te gaan die ze in jouw optiek het beste kunnen gaan.

Ik vind dat allesbehalve eenvoudig. Ik hoop dat ik tijdens de leergang "Opbengstgericht leiderschap" inspiratie op zal doen om ideeën te ontwikkelen in de sfeer van de pianotrap.