Posts tonen met het label Finland. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Finland. Alle posts tonen

zondag 20 januari 2013

Onderwijs in Finland

Afgelopen week was Pasi Sahlberg in Nederland, de ambassadeur van het Finse onderwijsmodel, dat momenteel zo bejubeld wordt (The Finland Phenomenon). Ik ben naar hem gaan luisteren in Amsterdam.

Toen ik net begon te werken in het onderwijs, nu tien jaar geleden, schrok ik. Het was allemaal heel anders dan ik het me had voorgesteld, en de betekenis die anderen aan het beroep van leraar hechtten, bleek een heel andere te zijn, dan de betekenis die ik er zelf aan hechtte en nu nog hecht. Nadat ik van de klap bekomen was, ben ik me er bewust op gaan toeleggen het beeld te koesteren, dat ik had voordat ik met de realiteit botste. Steeds voor ogen te blijven houden wat het onderwijs en het vak van onderwijzer voor mij betekenden.

Vandaag raad ik iedereen die in het onderwijs werkt aan, diezelfde denkoefening uit te voeren. Stel je eens voor - los van de beren op de weg en de praktische bezwaren en het gezucht over wat er allemaal van anderen moet - hoe het onderwijs er uit zou zien als het er precies zo uitzag als jij vindt dat het zou moeten zijn.

Marinus Knoope, een gevierd leermeester op het vlak van persoonlijke ontwikkeling, beschrijft wat hij noemt de creatiespiraal als een cyclus bestaande uit opeenvolgende seizoenen, van bloesem naar vrucht en van zaad naar oogst. Om de verandering te bewerkstelligen die je in de wereld wil zien, is het om te beginnen belangrijk je zo concreet mogelijk voor te stellen hoe datgene wat je zou willen er in je verbeelding uit ziet. Om het onderwijs ten goede te kunnen veranderen, is het belangrijk te visualiseren hoe het er volgens jou uit zou moeten zien.

Die oefening op zich brengt het al dichterbij.

Als ik Pasi Sahlberg hoor praten over de onderwijscultuur in Finland, dan zie ik daarin heel veel terug van mijn gekoesterde voorstelling van hoe het zou moeten zijn. Dat alleen de beste studenten het recht verwerven om onderwijs te mogen geven, dat het een nobel beroep van hoog aanzien is, dat leraren op de hoogte zijn van en met elkaar spreken over onderwijsonderzoek, dat er naast lesgeven tijd is voor professionele dialoog. Dat de politiek naar de onderwijzers luistert als het gaat om beleidsmaatregelen in plaats van andersom. Dat de nadruk ligt op samenwerking in plaats van op competitie, op verantwoordelijkheid en vertrouwen in plaats van op controle en verantwoording, op maatwerk in plaats van standaardisering, op persoonlijke ontwikkeling in plaats van op marktwerking.

Het valt me wel op dat Sahlberg geen enkele zwakke plek in het Finse model benoemt. Er zijn alleen maar pluspunten, het lijkt de hemel zelf wel. Enerzijds irriteert me dat, want aan alles zitten mindere kanten, dus ook aan het onderwijs in Finland. Anderzijds is de waarde van zijn verhaal misschien vooral, dat het ons laat zien dat een heel andere onderwijscultuur voorstelbaar is. Zijn verhaal geeft voeding aan onze verbeelding, en omdat dit droombeeld schijnbaar echt bestaat ergens in de wereld, is het gemakkelijker de praktische obstakels weg te wuiven en de verbeelding de vrije loop te laten. Misschien is dat wat we nodig hebben, en wat Sahlberg ons geeft - een prikkel om te beginnen vertrouwen te schenken aan onze ideaalbeelden.

donderdag 15 november 2012

The Global Achievement Gap - Tony Wagner

Met een paar collega's komen we eens per twee maanden bij elkaar om met elkaar in gesprek te gaan over goed onderwijs. Uitgangspunt voor gesprek is een boek of artikel dat een van de deelnemers heeft aangedragen. Deze keer lazen we The Global Achievement Gap van Tony Wagner. Het is niet in het Nederlands vertaald, en dat is jammer, want het heeft ook ons in Nederland veel te zeggen, en het lukt niet iedereen om zo'n boek in het Engels te lezen.

Het probleem dat Wagner signaleert is dat we het in het Westen niet gaan redden met hogere toetsscores op specifieke kennis en vaardigheden, terwijl dat wel precies is waarop westerse overheden zich blindstaren. We gaan het in de wereld niet redden als we ons beperken tot het aanleren van zoveel mogelijk feitenkennis en als we onze energie blijven steken in het dresseren van kinderen tot hoge scoorders op gestandaardiseerde toetsen. Op dat vlak zullen we het nooit winnen van de Aziaten, die zich even goed die kennis kunnen eigen maken en vervolgens hun werk voor een veel lager loon zullen uitvoeren dan wie ook in het Westen.

Waar we ons mee zouden kunnen onderscheiden in de wereld en waar we ons op zouden moeten richten, is wat Wagner de "7 survival skills" of "21st century skills" noemt. Die omvatten, vrij vertaald: 1. kritische reflectie, 2. leren in professionele leergemeenschappen of lerende netwerken, 3. het vermogen te dealen met het onbeheersbare, 4. proactiviteit, 5. effectieve communicatie, 6. analytisch vermogen, 7. nieuwsgierigheid en verbeeldingskracht.

Wat we nodig hebben, dat zijn "self-directed people" - proactieve, zelfsturende professionals die het gesprek aangaan met mensen die anders tegen de dingen aankijken zodat ze elkaar kunnen helpen de beste oplossing te vinden voor problemen die ze in hun werk tegenkomen. Mensen die hun visie helder en puntig onder woorden weten te brengen zodat ze er met anderen over in gesprek kunnen gaan. Mensen die de dingen niet voor lief nemen maar nieuwsgierig zijn naar hoe het anders en beter zou kunnen.

Onderwijsprofessionals - nu nog vaak de blik niet verder reikend dan de eigen klas - zouden veel meer met elkaar in gesprek moeten gaan over wat goed onderwijs is. Overheden en bestuurders zouden meer gelegenheid moeten bieden voor lerende netwerken waarin onderwijsprofessionals, binnen scholen maar ook schooloverstijgend, elkaar intellectueel uitdagen (p.151). Wat zou er gebeuren als leerkrachten gestructureerd en regelmatig de gelegenheid zouden krijgen om bij elkaar in de school en de klas te kijken en met elkaar in gesprek te gaan over gedeelde onderwijsvragen? (p.157)

Wagner verwijst naar het Finse model. In Finland, zegt hij, vertrouwt de overheid erop dat de denkkracht van de leerkracht het systeem tot optimale ontwikkeling brengt, in plaats van de leerkracht als stemloze uitvoerder van beleid te behandelen. In Finland gaat men ervan uit dat leraren zelf kritisch denken en een visie op onderwijs uitdragen in plaats van enkel maar 'aan de eisen voldoen' (p. 155).

Volgens Wagner is samenwerken in professionele leergemeenschappen, lerende netwerken, 'communities of practice' of hoe je ze ook maar wil noemen, de enige manier om de effectiviteit van het onderwijs significant op een hoger plan te brengen. Het is het isolement waarin leerkrachten werken dat de ontwikkeling van het onderwijs in de weg staat. (p. 164)

Dus niet méér toetsen en meer goochelen met cijfers, niet meer expertise van buitenaf, niet meer controle - maar meer openheid, meer contact, meer dialoog, meer samenwerking tussen de mensen die onderwijs geven.